Vakgebied: Economie
Doelgroep: vo
Aantal leerlingen en niveau: Hele klas, 5 per onderneming
Samenvatting
Leerlingen ontwikkelen in vijftallen een nieuw product binnen een nieuw bedrijf. Elke leerling krijgt hierbij een eigen verantwoordelijkheid zoals marketing, financiën, communicatie etc. Eerst stellen leerlingen een businessplan op en ontwerpen ze samen een product, bijvoorbeeld een themagericht t-shirt. Via product templates, templates waarvoor weinig technische
kennis is vereist, wordt het product gebouwd en aangeboden in de virtuele omgeving. Ook maken de leerlingen zelf marketingmateriaal en richten zij de verkooplocatie in. Leerlingen
presenteren het bedrijf aan de rest van de klas en krijgen feedback van de andere leerlingen.
Leerdoelen
Vakgerichte kennis en vaardigheden:
• benoemt marketingprincipes (product, prijs, plaats, proces);
• kent de verschillende rollen die bij productiontwikkeling van belang zijn;
• past marketingprincipes toe bij het ontwikkelen van het product;
• ontwikkelt promotiemateriaal dat bij het product hoort;
• schrijft een businessplan.
Overkoepelende vaardigheden:
• informatievaardigheden;
• communicatieve vaardigheden;
• digitale vaardigheden;
• samenwerken (voor het ontwerp van het product);
• reflectieve vaardigheden.
Toetsing
De docent beoordeelt de groepsproducten mede op basis van feedback van de leerlingen. Daarnaast beoordeelt de docent het businessplan en een evaluerend verslag.
Mate van beheersing
Vrij hoog. Leerlingen ontwikkelen zelf een virtueel product waarvoor enige bouwkennis is vereist. Daarnaast maken ze hun eigen promotiemateriaal en richten ze hun verkooplocatie in. Ook moeten ze samenwerken in de omgeving en de multimediale mogelijkheden goed in kunnen zetten.
Gebruik van kernkwaliteiten
Leerlingen maken op een snelle manier prototypes van een product en een onderneming. De virtuele omgeving levert een simulatieomgeving waarin een virtueel product wordt verkocht. Leerlingen met verschillende leerstijlen kunnen in de virtuele omgeving vanuit hun eigen verantwoordelijkheid werken.
Conclusie
Deze casus is sterk op kennisconstructie gericht, waarbij de leerlingen tijdens het proces zelf kennis opbouwen. Er is bij de beoordeling een duidelijke voorkeur voor deze leersituatie bij de docenten met een hoge voorkeur voor kennisconstructie. Deze docenten beoordelen de leersituatie met de hoogste score van alle acht leersituaties. Alhoewel er geen cijfers bekend zijn voor docenten uit het vakgebied waar deze leersituatie vakinhoudelijk over gaat, wordt deze door alle vakgebieden vrij gelijkmatig beoordeeld. De casus is voor zowel het vo als mbo inzetbaar en deze groepen beoordelen de leersituatie dan ook gelijkwaardig. Ook leraren in opleiding beoordelen de leersituatie vergelijkbaar met de andere groepen.
Vergelijkbaar met de power indicator beoordeling, willen docenten met een voorkeur voor kennisconstructie in de nabije toekomst meer gebruik maken van deze leersituatie. Van deze groep geeft 56% aan gebruik te willen maken van deze leersituatie, waarvan 11% in zeer sterke mate. Bij docenten met een lage voorkeur voor kennisconstructie is dat 33%.
Bekijk de volledige casusbeschrijving [MS-Word 302 Kb ]

